HerinneRing 00100 – 04 maart 2006

Bij nacht en ontij

Voor wie was dat vroeger weggelegd? Niet voor de “normaal” hardwerkende mensen. Zij waren meer van het type “met de kippen op stok” en “het krieken van de dag”.

Veel en vaak harde handenarbeid, grote gezinnen met vele mondjes, die allemaal gevuld moesten worden. Jus met kaantjes, veel aardappelen, beperkte hoeveelheid groente en af en toe een stukje vlees en was er eens iets over dan ging dat naar Pa, want die moest het hardste werken.
Nou wat moest je dan met al die lampen? Wie slaapt heeft ze niet nodig en wie nog wakker is, heeft zeker niet genoeg te doen?

Toch was er ook in Oostzaan aan het eind van de 19e eeuw behoefte aan verlichting op straat en op enkele schaarse strategische punten branden er ’s avonds petroleumlampen, een stuk of vijf voor het hele dorp. Veel uitstraling zullen ze niet hebben gehad en het waren meer bakens dan werkelijk verlichting.

Het groeide echter, van vijf naar elf, van petroleum naar gas en uiteindelijk naar elektriciteit. Maar niet zonder slag of stoot en in beperkte mate, slechts gedurende de wintermaanden brandde het licht en dan nog niet later dan half elf en dat alleen bij donkere maan.

Uit onze eigen annalen komt het antwoord van een burgemeester die, gevraagd naar meer straatverlichting, antwoordde: “Fatsoenlijke mensen komen na 9 uur niet meer op straat”.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.